|
Alles over de koala.
De koala is naast de kangoeroe het bekendste buideldier en hij is door
zijn pluche-achtige uiterlijk, zijn zachte vel, zijn ruige oren en zijn
lakzwarte neus erg populair. Hij is het nationale dier van Australië.
Wanneer de kleine boombewoner langzaam door de takken klimt, ziet hij
er vredelievend en speels uit.
Lichamelijke kenmerken en leefwijze.
De wetenschappelijke naam van de koala is Phascolarctus cinereus wat
letterlijk "askleurige buidelbeer" betekent. Vele jaren noemden
mensen hem koala "beer". De koala is echter geen beer maar een
buideldier, die men nauwer verwant acht aan de wombat dan aan elk ander
dier.
koalas leven in de kruinen van hoge eucalyptusbomen. Ze komen zelden
op de grond. Ondanks hun sterke klauwen zijn ze niet weerbaar genoeg en
zouden ze gemakkelijk door dingo's en andere verwilderde honden gegrepen
kunnen worden.
Met
hun speciale gevormde voor- en achterpoten kunnen ze zich goed vasthouden
aan de takken. Aan hun voorpoten kan niet alleen de duim, maar ook de
wijsvinger tegenover de andere vingers geplaatst worden. Met zijn lange
lange, gebogen nagels vormt deze hand een zeer gespecialiseerd kleminstrument.
Aan de achterpoten staat de grote teen onder een rechte hoek, hierdoor
is de koala in staat zich vast te klampen. Om te voorkomen dat hij langs
de gladde schors omlaagglijdt, hebben deze tenen geen nagels, maar ruwe
kussentjes. Hoewel koalas bij voorkeur in de schemering en 's nachts
leven, zijn ze ook overdag enkele uren actief, als ze zich niet bedreigd
voelen.
Voortplanting.
In
de paartijd bezetten de mannetjes met hun roep en door middel van geurstoffen
enkele bomen als hun territorium en proberen ze vrouwtjes te verzamelen
en die tegen rivalen te beschermen. Een maand na de paring komt het jong
ter wereld. Met een lengte van twee centimeter en een gewicht van zes
gram is het eigenlijk nog een embryo. Enkele minuten na de geboorte klimt
het pasgeboren jong in de buidel van de moeder en zuigt zich vast aan
een tepel. Tegen het einde van de buideldraagperiode, na ongeveer zeven
maanden, moet het jong langzaam overschakelen op plantenvoeding.
Om zijn darm te voorzien van de micro-organismen die de moeilijk te verteren
bladeren kunnen oplossen, scheidt de moeder een blindedarmbrij af, die
ze het jong als extra voeding verstrekt. Ze draagt haar jong nog ongeveer
een jaar lang rond op haar rug. Het jong klimt daar alleen af om bij haar
te drinken.
Als je meer wil weten over de koala, dan is het boek <<
The Koala Book >> een prachtige aanwinst.
|
 
webmaster : Gerd Van
Loock
Koala Punt © 2003
|